You are here

Jodiumtabletten - vals gevoel van veiligheid

Submitted by WISE on Thu, 10/03/2016 - 12:06

Minister Schippers van Volksgezondheid gaat binnen een straal van 100 kilometer om een kerncentrale aan iedereen onder de 18 en aan zwangere vrouwen jodiumtabletten verstrekken. Is dat zinvol? Ze zegt zelf: "De tabletten bieden geen bescherming tegen andere radioactieve stoffen die bij een incident vrijkomen". 

Bij een kernramp komt er onder andere radioactief jodium vrij. Via de ademhaling, de huid of de inname van besmet eten en drinken komt het in het bloed terecht. De schildklier slaat het radioactieve jodium op. Dat vergroot de kans op schildklierkanker. Vooral baby’s en jonge kinderen lopen een groot risico. Dat is voor de overheid de reden om 'preventief' jodiumtabletten te verstrekken. De schildklier maakt namelijk geen verschil tussen radioactief jodium en gewoon jodium. Door de schildklier met gewoon jodium vol te proppen, zorg je er voor dat er geen radioactief jodium meer bij kan. Het is net zoals een spons vol zuiver water die geen vuil water meer kan opnemen. De radioactieve jodiumdeeltjes worden dan gewoon via de urine en de stoelgang uit het lichaam verwijderd. Jodiumtabletten bieden geen bescherming tegen alle andere radioactieve stoffen die bij een groot ongeluk in een kerncentrale vrijkomen. Dat zijn er tientallen. Daar kun je je niet effectief tegen beschermen. Eigenlijk helpt het alleen om snel weg te gaan uit besmet gebied: evacuatie dus. Het verstrekken van jodiumtabletten door de overheid kan de burger het idee geven dat je je kunt beschermen tegen radioactieve stoffen. Dat kan dus een negatief effect hebben: na de ramp in Fukushima, Japan, zijn honderden mensen in besmet gebied gebleven omdat ze jodiumtabletten hadden gekregen en dachten dat ze zichzelf daarmee afdoende konden beschermen. Die mensen hadden absoluut weg gemoeten. 

De jodiumtabletten zijn het meest doeltreffend als ze worden ingenomen juist voor of zo gauw als mogelijk na een lozing met radioactief jodium. Het innemen van jodiumtabletten moet alleen gebeuren als je zeker weet dat er ook daadwerkelijk radioactief jodium is ontsnapt. Dit moet bevestigd zijn door een autoriteit. Dus als je hoort dat er een ernstig ongeluk heeft plaatsgevonden in een kerncentrale moet je eerst de analyses afwachten. Is er alléén radioactief jodium ontsnapt (wat in de praktijk nooit zal voorkomen) dan neem je je pillen in en blijf je rustig waar je bent. Als je het nog niet weet of als je hoort dat er meerdere radioactieve stoffen zijn ontsnapt (en dat is altijd het geval) dan slik je je pillen en maak je dat je zo snel mogelijk wegkomt. Namens Delta en Essent, eigenaren van de kerncentrale in Borssele; succes! 

In 2014 heeft de Nederlandse regering besloten om de interventiewaarden voor nucleaire incidenten af te stemmen op de waarden in Duitsland en België. Een interventiewaarde is de hoeveelheid straling waarboven het nemen van een beschermingsmaatregel, zoals het verstrekken van jodiumpillen, gewenst is.

In de eerste ringen rond de kerncentrales zijn al tabletten beschikbaar gesteld aan Veiligheidsregio’s voor predistributie aan burgers. De tabletten worden dan al uitgedeeld aan omwonenden terwijl er geen directe dreiging is van een incident waarvoor de tabletten nodig zijn. Zeeland heeft predistributie uitgevoerd tot 10km rond de kerncentrale in Borsele en 20km rond Doel (conform de oude interventiewaarden). Twente heeft dit ook gedaan voor de ring rond de kerncentrale in het Duitse Emsland. Daarmee zijn de meeste mensen die tot de doelgroep behoren in de eerste ringen voorzien van jodiumtabletten. Het gaat in de eerste ringen om mensen tot 40 jaar en zwangere vrouwen (voor het ongeboren kind). Boven een leeftijd van 40 jaar blijkt er geen meerwaarde van het slikken van jodiumtabletten meer te zijn. Nu is besloten tot een tweede ring (tot 100 km) waar een combinatie van predistributie en distributie op het moment van een verwachte uitstoot van radioactief jodium gaat plaatsvinden. De doelgroep in de 100 km zone betreft mensen tot 18 jaar en zwangere vrouwen. De schildklier van (ongeboren) kinderen is gevoeliger voor radioactief jodium, waardoor ook op grotere afstand, bij een geringere blootstelling, jodiumtabletten effectief kunnen zijn. Distributie gaat zo veel mogelijk via bestaande distributiepunten, zoals apotheken en GGD’s. Op verzoek van het bestuur van de Veiligheidsregio Zuid-Limburg zijn rond de kerncentrale in het Belgische Tihange ook decentrale voorraden aangelegd en afspraken gemaakt met apotheken over distributie voor het geval dat een uitstoot van radioactief jodium wordt verwacht. In mei 2016 ontvangt de Nederlandse overheid een extra voorraad jodiumtabletten zodat er uitvoering kan worden gegeven aan het plan van aanpak voor de distributie in de tweede ring. Volgens Minister schippers gaat het om zo'n 2,5 miljoen mensen. De vraag is nu; moet je, als je 41 bent geworden, je pillen doorgeven aan een zwangere vrouw in je wijk..?  

Zomaar een paar vragen:

  • Wat gebeurt er met de toeristen in het gebied? Ligt er op elk nachtkastje van alle hotelkamers een setje pillen? En als je op de camping staat, kun je dan bij de receptie terecht? 
  • Moeten mensen de pillen elke dag meenemen naar hun werk of in het geval van een kernramp massaal de fabriek en het kantoor verlaten om hun pillen thuis op te halen en in te slikken?   

De aandacht voor het besluit van de Minister is groot en wakkert ook de discussie over de evacuatie- en veiligheidsplannen weer aan. Professor Turkenburg was in een interview met de NOS glashelder; de plannen zijn nog lang niet in orde. Overigens denken wij dat het een illusie is te denken dat welk plan dan ook - hoe perfect ook, op papier - daadwerkelijk zal leiden tot een geordende en beheersbare evacuatie.